dinsdag 29 september 2026

Corsica: L’Ile de Beauté

Voor de tweede keer in Corsica. De eerste keer was een paar jaar na mijn studie en met een rugzak. Andere tijden. Maar ik heb wel altijd in mijn achterhoofd gehouden dat ik nog eens terug wilde. En ik begrijp nu waarom.  

Calvi
Vlakbij het vliegveld van Bastia is onze eerste korte stop. De volgende dag rijden we door naar Calvi. De kok van het restaurant bij ons hotel is zo aardig om ons zo laat nog (een uur of tien in de avond) een heerlijke plank met lokale kaasjes en vleesjes te serveren, terwijl de keuken al gesloten is. Met The Cramps en The Cure op de achtergrond is dat een fijne start van onze reis.

Op onze hotelkamer zien we vervolgens nog een stukje van de liveregistratie van een concert van The Cure vlakbij Parijs, en het eerste nummer dat we de volgende dag in de huurauto onderweg naar Calvi horen is Boys don’t cry: de band van Robert Smith is populair op Corsica.

De volgende dag is het even wennen in de Skoda met drukknopbediening i.p.v. van een autosleutel, maar na een mooie tocht door de bergen en een kort bezoekje aan de citadel en kathedraal van St. Vincent (onder tropische omstandigheden, mijn camera blijkt oververhit en geeft aanvankelijk geen kik) arriveren we in Calvi. Een huurauto parkeren in een piepkleine betonnen keldergarage blijkt geen sinecure, na een stiekem toch best vermoeiend ritje van een paar uur.

Ongeveer 13 cijfercodes zijn er dan nodig om ons B&B appartement binnen te kunnen. Klementina heeft ze gelukkig allemaal foutloos genoteerd op een stukje krant, na een ietwat moeizaam gesprek met de razendsnel Frans sprekende eigenaar. Nog meer moeite kost het om de Wifi op gang te krijgen. We zoeken het hele appartement af naar het boekje waar de code te vinden zou zijn. Het blijkt een onmogelijke, ellenlange combinatie van cijfers en letters, waar we een hele poos zoet mee zijn omdat er uiteraard steeds een teken verkeerd wordt ingevoerd.