Bella Ciao
Bij tenniswedstrijden op het hoogste niveau is het tegenwoordig gebruikelijk dat tijdens een zitpauze snoeiharde muziek wordt gedraaid. Niet heel verheffend, tenzij er opeens een pareltje voorbij komt. In een lelijke versie, dat wel …
Vorige week was ik met een vriend (net als ik tennisliefhebber) bij het Libéma Open in Rosmalen, een grastoernooi waar internationale toppers komen ter voorbereiding op Wimbledon. Met Medvedev, Auger Aliassime en De Minaur had de organisatie een drietal toptienspelers weten binnen te hengelen.
Tussen de regenbuien door zagen we een spannende partij tussen Lamens en Potapova, het restant van de wedstrijd tussen Griekspoor en Van de Zandschulp en een aardig potje tussen loopwonder De Minaur en Damm. Een prima oogst voor de woensdag. En een prettige sfeer bovendien, daar in de Brabantse buitenlucht.
Wat voor de een sfeerverhogend zal werken, voor de ander beslist niet, is de snoeiharde muziek die tijdens een zitpauze over de baan schalt. Je kunt je afvragen of de spelers er zelf op zitten te wachten dat nummers als Conga, Macarena, Lambada en Mambo no.5 met het volume op tien hun momentje van contemplatie verstoren. In het publiek zijn er natuurlijk altijd wel een paar die vrolijk mee springen, vooral als de camera kijkt.




