zondag 20 februari 2005

3voor12 draait


Elke week vragen we de presentatoren en redacteuren van 3voor12 welke drie cd's, tracks, mp3's of concerten de meeste indruk maakten, en om deze toe te lichten.

1. The Kills – No wow
Rauw, duister en desolaat. Zo kun je de sfeer omschrijven op de tweede cd van het Amerikaans/Engelse duo The Kills met wederom volop elementaire urban-punkblues. Repeterende gitaarriffs, een opgefokte drumcomputer en een bezwerend stemgeluid van de zangeres, het geheel doet denken aan het betere werk van PJ Harvey en Patti Smith. Onopgesmukt, onrustbarend en onheilspellend, zo lusten we ze graag.

2. Bright Eyes – I’m wide awake it’s morning
Enig luistergeduld is vereist om de country-folk van de pas 22-jarige Conor Oberst op zijn merites te kunnen waarderen, dan komt toch onvermijdelijk het besef dat dit iets heel moois is. Wat op het eerste gehoor misschien nog de zoveelste rammelende alt-country cd lijkt, blijkt na de nodige luisterbeurten een fraaie collectie van ontroerende miniatuurtjes. Op twee nummers contrasteert de wiebelende zang van Oberst mooi met het gepolijste stemgeluid van Emmylou Harris. Jeugdige doorleefdheid van een talentvolle singersongwriter.

zaterdag 13 november 2004

3voor12 draait


Elke week vragen we de presentatoren en redacteuren van 3voor12 welke drie cd's, tracks, mp3's of concerten de meeste indruk maakten, en om deze toe te lichten.

1. Bonnie 'Prince' Billy – Master and Everyone
Is alweer een tijdje op de markt, maar blijft onverminderd mooi. Voor de Oldham-puristen was het even schrikken om de voorman van Palace, Palace Brothers en Palace Music opeens zuiver te horen zingen. Maar uiteindelijk kun je niet anders dan concluderen dat mooiere muziek dan deze nog gemaakt moet worden. De uitgebeende verstilde miniatuurtjes, omlijst door de engelachtige stem van Marty Slayton, ontroeren steeds weer opnieuw. ‘Alsof de natuur haar adem inhoudt’ (zei Nanne Tepper).

2. Gun Club – The Las Vegas Story 
Onlangs dan eindelijk uitgebracht op cd, dit meesterwerk uit de midden jarig tachtig. De ‘missing link’ tussen de traditionele oude blues en The White Stripes, las ik ergens. Hoe dan ook, de rauwe mix van punk, country en blues, onder de bezielende leiding van de jammerlijk aan zijn einde gekomen Jeffrey Lee Pierce, gaat na al die jaren nog steeds door merg en been en blijft onbehaaglijke en unheimische gevoelens veroorzaken.

zondag 3 oktober 2004

3voor12 draait


Elke week vragen we de presentatoren en redacteuren van 3voor12 welke drie cd's, tracks, mp3's of concerten de meeste indruk maakten, en om deze toe te lichten.

1. Tom Waits – Real Gone 
Zijn eega en mede-songschrijver Kathleen Brennan werd thuis lichtelijk gestoord van de door Tom Waits ingezongen drumpartijen, zo blijkt uit een recent interview met de Volkskrant. Het opgefokte ‘human-beatboxing’ contrasteert wel weer mooi met de meer ingetogen, ouderwets puffende en boemelende pareltjes. Nu al Waits-klassiekers zijn: Sins Of My Father en How It’s Gonna End. Verder gromt hij als vanouds over kreupele piraten, eenogige circusartiesten en platgereden bloemen op de snelweg. Wie heeft er nog (een) kaartje(s)?

2. The Black Keys – Rubber Factory 
Opgenomen in een verlaten bandenfabriek met tweedehands-apparatuur, dit derde album van het op een na beste rockduo van het moment. Lekker ongecompliceerde, compromisloze en uitgebeende garageblues afkomstig uit Akron, Ohio. Commercieel succes zit er waarschijnlijk op korte termijn niet in voor drummer Patrick Carney en gitarist/zanger Dan Auerbach en laat dat vooral maar zo blijven. Vorig jaar oktober werd hun optreden in Ekko afgelast, hopelijk zijn ze binnenkort toch nog eens te bewonderen in Utrecht.

zondag 1 augustus 2004

3voor 12 draait


Elke week vragen we de presentatoren en redacteuren van 3voor12 welke drie cd's, tracks, mp3's of concerten de meeste indruk maakten, en om deze toe te lichten.

1. Timesbold - Eye Eye
Met zijn tweede project Whip bracht Jason Merritt al enkele pracht cd’s uit, in de hoedanigheid van Timesbold doet hij niet anders. De intens melancholische droefheid op ‘Eye Eye’ past volgens sommigen wellicht beter bij jaargetijden met vallende bladeren, wat mij betreft is het ook nu fijn luisteren naar de altcountry met breekbare zang, zingende zaag en banjo. Ontluisterend mooi.

2. Tom Waits – Blood money
Alleen al om het nummer ‘All the world is green’ de moeite waard, deze cd van Tom Waits die als tussendoortje, samen met ‘Alice’, op de markt kwam. Het is niet zijn beste cd, maar Blood money bevat genoeg pareltjes in de traditie van Rain dogs en Swordfishtrombone om te kunnen overtuigen. Eind dit jaar verschijnt de langverwachte opvolger van de chroniqueur van de zelfkant en hopelijk verblijdt hij ons land dan ook met enkele (niet al te prijzige) optredens.

woensdag 9 april 2003

Dead Brothers


De magie van muziek. Gisteren zag ik een optreden van de Zwitserse band The Dead Brothers in Moira. In het land van herkomst schijnt de vijfkoppige formatie een begrip te zijn. 

Ik had echter nog nooit iets van ze gehoord totdat in op de lokale radio een nummer van ze hoorde. Een soort hoempapa-rockabilly. Een artikel in het Utrechts Nieuwsblad deed de rest. Die band moest ik zien. Dat werd dus gisteravond, voor circa 45 mensen in de Moira, een popzaaltje in Utrecht met voornamelijk alternatieve pop op het programma.

Bij het eerste nummer van ene optreden hoor je vaak al af of het een goed of slecht concert wordt. En vanaf de eerste tonen was het raak. Een minutenlang monotoon, onheilspellend riedeltje van de gitarist was de inleiding voor een van de meest bizarre en fascinerende live-optredens die ik ooit zag. Een tuba, een banjo, een schuiftrompet, een accordeon, een paar trommels en een uiterst curieuze, charismatische en op het oog beschonken dan wel krankzinnige voorman met een priemende blik die uiterlijk verdacht veel weg had van Jerry Kosinski, de Poolse schrijver van o.a. Being There.

vrijdag 14 maart 2003

Het Uur U

Een geluidsband met een oproep tot het inleveren van chemisch afval vormde het opmerkelijke intro van het alleszins opmerkelijke gezelschap Most Unpleasant Men, de opening van de eerste halve finale van het Uur U. 

Vier jongemannen in pak verrasten het publiek in de rookvrije (!) Kleine Zaal van Vredenburg afgelopen zaterdag met een ongewone combinatie van jazz, avant-garde, theater en pop, in de stijl van Antwerpse bands als dEUS en Zita Swoon. Meeslepende, broeierige spanning openbaarde zich in het laatste nummer, dat begon met een ingetogen, bijna klassieke pianomelodie en ontaardde in een wilde, expressieve improvisatie. 

dinsdag 10 december 2002

Paradise lost 


“Oostenwind” is de naam van de tweede Culturele Zondag van dit jaar in Utrecht. Alsof de duvel er mee speelt wordt de Domstad deze dag gegeseld door windstoten. De Culturele Zondag staat in het teken van muziek, theater, film en dans uit Midden en Oost-Europa en sluit aan bij het festival Paradise lost? in de stadschouwburg.

De stormachtige wind voert me allereerst naar het bescheiden kroegje Averechts, gelegen in de Vogelenbuurt. Het café vormt regelmatig het decor voor literaire lezingen en poëzievoordrachten. Deze middag staat echter in het teken van de Balkanmuziek. De vrolijke opzwepende klanken van het Trio Moldavia komen me tegemoet als ik de deur open van de kroeg. Het is druk. Zo druk zelfs dat ik maar amper binnen geraak en noodgedwongen vanachter rode gordijntjes bij de ingang het muzikale gebeuren gadesla en beluister.

De gordijnen benemen me veel van het zicht op het Roemeense drietal op het podium. Wel kan ik zien dat Trio Moldavia bestaat uit een violist, een accordeonist en een cimbalist. Dat laatste verneem ik van mijn buurman die beter geïnformeerd is over exotische muziekinstrumenten dan ik. De cimbaal is een Hongaars instrument, bestaande uit snaren gespannen over een horizontaal klankbord die met hamertjes worden bespeeld, zo lees ik later thuis in de Kleine Winkler Prins. De muziek van het trio is afwisselend opzwepend, razendsnel èn melancholisch, langzaam. De stijl houdt het midden tussen Russische polka en zigeunermuziek.

Door de openingen van het gordijn kijkend, probeer ik een beeld te krijgen van de bezoekers op dit vroege tijdstip. Veel van de aanwezigen lijken niet echt warm te worden van de Roemeense muziek, want ze houden hun jas aan. Er wordt volop thee en koffie geschonken. Een enkeling waagt zich aan een glas rode wijn. Achter in het café staat, geleund tegen de muur, een vrouw die telkens wanneer het trio een gevoelige passage speelt even haar ogen sluit. Ze is niet alleen fysiek ver van me verwijderd. Waar zou ze met haar gedachten zijn?