De fratsen van Andre Manuel
‘De humanist uit Diepenheim,’ zo kondigt Andre Manuel zichzelf aan in theater Aan De Slinger in Houten. Zelfspot is de cabaretier/muzikant uit Twente niet vreemd.
Want je kunt veel van André Manuel zeggen, maar niet dat hij de menselijke gelijkwaardigheid voorop stelt, zoals het een goed humanist betaamt. Aan de andere kant: hij spaart niemand in zijn shows. moslims, joden, christenen, Duitsers, Limburgers, Tukkers, Houtenaren, zijn eigen familie: Iedereen krijgt er van langs. Zo bezien is hij misschien toch een humanist.
Hoe dan ook: na een jaar of vijfentwintig zag ik de cabaretier weer eens in het theater. In de tussentijd was ik wel nog aanwezig geweest bij een aantal liveoptredens van hem met zijn bands Fratsen, Krang en de Ketterse Fanfare, maar zijn bikkelharde cabaret had ik dus al een hele poos niet meer ervaren.
Wat als eerste opvalt vanavond: een bij lange na niet volle zaal, met een publiek op leeftijd bovendien. Manuel vergelijkt zich, niet ongeestig, met de SP, die ook al jaren lang met hetzelfde programma geen poot aan de grond krijgt. Zestig is de man uit Diepenheim inmiddels, maar nog immer rap en scherp van tong. Sterke grappen worden wel afgewisseld met flauwiteiten. Manuel gedraagt zich op het podium als een soort nar, die met sardonisch genoegen de wereld om hem heen fileert. Omdat hij zichzelf ook niet spaart, komt hij er meestentijds mee weg.
Bij eerdere voorstellingen liep er nog wel eens iemand de zaal uit. Dat gebeurt vanavond niet, maar bij een paar harde grappen (o.a. over de holocaust) blijft het wel behoorlijk stil. Behalve dan bij de vrouw die vlak voor ons zit: na werkelijk elke opmerking van Manuel volgt er een donderend lachsalvo.
Fijn dat de cabaretier vanavond ook een paar keer de gitaar ter hand neemt of achter het traporgel gaat zitten om met zijn bekende gromstem een lied te zingen, want dat kan hij natuurlijk ook als de beste. Wel jammer dat veel teksten tamelijk onverstaanbaar zijn, omdat ze in het Twents dialect worden voorgedragen. Een ode aan de vrouw, aan Lennon en aan het leven in het algemeen zijn nog wel te ontwaren.
De voorstelling is getiteld: ‘Het goddelijke lichaam’, dus bij Manuel weet je dan eigenlijk al dat o.a. borstvergrotingen, onwillige piemels, vibrators (én defibrillators) de revue zullen passeren. Zijn relaas over BBB voorvrouw Caroline van der Plas is nogal plat en gaat voorbij het betamelijke. Was zij aanwezig geweest, dan was ze vast de zaal uitgelopen. Of ze zou het podium opgestormd zijn om Manuel te lijf te gaan. Dat zou dan wel weer zonde zijn geweest, want de rest van de voorstelling was prima te genieten.
Conclusie: André Manuel is nog niks van zijn fratsen kwijtgeraakt.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten