zaterdag 18 oktober 2008

Recovery


Waarom covert een artiest zijn of haar eigen nummers? De meest voor de hand liggende reden is dat de oorspronkelijke interpretaties niet meer bevallen; jaren ouder en wijzer geworden komt een zanger tot het inzicht dat de inkleuring van een song net een tikkeltje ingetogener had gekund of juist een stukje uitbundiger. 

Bonnie ‘Prince’ Billy besloot een paar jaar geleden nummers uit zijn desolate Palace Brothers-periode opnieuw op te nemen en maakte er vrij onschuldige countrydeuntjes van; het resultaat miste duidelijk de urgentie van het oorspronkelijke werk. Loudon Wainwright III hanteert op zijn laatste cd Recovery dezelfde formule. Met meer succes. 

Een dertiental nummers uit zijn rijke repertoire zijn opnieuw gearrangeerd en ingezongen. Joe Henry zorgt voor de productie. Qua succes mag Loudon Wainwright III dan momenteel overvleugeld worden door zoon Rufus en dochter Martha, de oude meester bewijst op zijn laatste albums dat hij allerminst van plan is het bijltje er bij neer te gooien. 

zondag 14 september 2008

Moss


Onterecht onbekend: er zijn vele voorbeelden te bedenken. Een band die wat mij betreft dat label zeker verdient is de Nederlandse formatie Moss. 

Begin 2007 verscheen op het Excelsior-label het debuut Long Way Back van het viertal, bestaande uit drie Amsterdammers en een Engelsman. Liedjesschrijver Marien Dorleijn was ooit medeverantwoordelijk voor het fijne dwarse geluid van Caesar, de Amsterdamse band die het onlangs voor gezien hield. 

Moss maakt mooie melodieuze, subtiele popliedjes van vaak niet langer dan een minuut of drie. Onnadrukkelijk en puur van aard met als basis-ingrediënten een akoestische gitaar, een Fender Rhodes en meerstemmige zang die bij vlagen schitterend is. De onaardse schoonheid van enkele liedjes doet soms denken aan een band als Midlake. The Beatles zijn ook nooit ver weg. 

Hier en daar klinkt misschien iets te veel het typische (brave) Excelsior-geluid van formaties als Johan en Daryll Ann door, maar Long Way Back beschikt over een aantal kwalitatief hoogstaande liedjes zoals ze in Nederland slechts zelden worden gemaakt. Luister maar eens naar Previously Unreleased. 


maandag 8 september 2008

Next


Alleraardigst om meerdere redenen is de uit 2006 daterende dvd The Harry Smith Project Live. ‘Hedendaagse’ artiesten als Elvis Costello, Nick Cave, Beck, Lou Reed en Richard Thompson coveren een aantal stokoude songs afkomstig uit de collectie van Harry Smith. 

Net als Alan Lomax was Smith verwoed verzamelaar van oude Amerikaans folk, country en blues. Zijn standaardwerk The Anthology of American Folk Music zorgde ervoor dat artiesten als Blind Lemon Jefferson, Missisippi John Hurt en The Carter Family in de VS de erkenning kregen die ze verdienden. Behalve gloedvolle bijdrages op de dvd van eerder genoemde artiesten, zijn er ook nog fraaie covers van Geoff Muldaur en Beth Orton. 

Verrassend zijn de namen van Sonic Youth en Philip Glass. En die van een artiest die ik al bijna vergeten was: Gavin Friday. Het laatste levensteken van deze Ierse muzikant/schilder was te horen op Rogue’s Gallery - Pirate Ballads, Sea Songs and Chanteys. Gavin Friday is niet alleen bekend vanwege zijn vriendschap met Bono, maar vooral vanwege zijn sterke debuutalbum: Each Man Kills The Thing He Loves. Met dit werkje uit 1989 raakte Friday –in samenwerking met The Man Seezer- een gevoelige snaar bij de liefhebbers van Jacques Brel, David Bowie en Tom Waits. 

dinsdag 26 augustus 2008

(Te) jong

Amper achttien jaar en dan al met zo’n volwassen album komen, je gelooft je oren niet. Laura Marling. Afkomstig uit Reading, Engeland en naar eigen zeggen “verschrikkelijke shit-popliedjes” schrijvend totdat ze I See a Darkness van Bonnie ‘Prince’ Billy hoorde. Je kunt je een slechtere bron van inspiratie voorstellen. 

Laura Marling is eigenlijk te jong voor haar eigen muziek: vanwege haar leeftijd werd de jeugdige blondine een keer de toegang tot haar eigen concert geweigerd. Ze ging op straat spelen. 

In februari van dit jaar verscheen haar debuutalbum Alas I Cannot Swim en deze cd toont aan dat Marling beschikt over een prachtige stem en over de gave om fraaie, lyrische folkliedjes te schrijven die zowel tijdloos als modern klinken. Soms onopgesmukt, een andere keer muzikaal rijker ingekleed. 

Ze stond al het podium van Lowlands en Paradiso, dus helemaal onbekend is ze hier niet meer. Laura Marling is een dame waar we nog veel van gaan horen. Bekijk hieronder het clipje van My Manic & I.

 

maandag 18 augustus 2008

Big Low


Onlangs stuitte ik op een filmpje waarin Dan Duffy van de formatie Big Low op onnavolgbare wijze We Gonna Die Out There in de microfoon brult. Ongeveer drie jaar geleden zag ik deze bijzondere Nederlandse/Australische band in het voorprogramma van Stuurbaard Bakkebaard. 

Ik schreef toen voor 3VOOR12Utrecht:

“Er is weinig mooier dan begeesterd te raken door een onbekende band.(…) Aan de voet van het podium in Tivoli vond een uiterst spannend en sfeervol optreden plaats. Imponerend werd het met name door de prettig gestoorde en bezielde voordracht van Australiër Dan Tuffy en door het gebruik van exotische instrumenten als een zingende zaag, een twee-snarige bas met een basdrum als klankkast en ijzeren castagnetten.“

(Die twee-snarige bas is waarschijnlijk een banjo-bas geweest.)

maandag 4 augustus 2008

Oordopjes


Min of meer toevallig belandde ik afgelopen vrijdag bij een optreden van The New York Dolls in de Helling te Utrecht. In de jaren zeventig een legendarische band, maar volledig aan mij voorbij gegaan. Niet zonder reden, ben ik dan al snel geneigd te denken. 

De glam-punkrockformatie blijkt slechts korte tijd te hebben huisgehouden; tussen 1971 tot 1977 verschenen er enkele albums die het prima deden bij pers en fans, maar ze verkochten voor geen meter. Op verzoek van Morrissey, voormalig frontman van The Smiths, volgde er in 2004 een comeback van The New York Dolls. 

Ik heb nooit veel op gehad met punk en glamrock, met uitzondering van Iggy Pop, Roxi Music en David Bowie. Het clipje op YouTube van Looking For A Kiss dat ik voorafgaand aan het optreden bekeek beloofde in ieder geval een gezellig avondje. Dat het optreden me bijna mijn trommelvliezen kostte, daar had ik even niet bij stilgestaan.

dinsdag 22 juli 2008

De val en een ketel toverdrank


'Herman Brood op een fiets
Tour de France Junkie
Fietsen is niets
Fietsen is Funkie'


Een dag voordat hij de Tour de France werd uitgebonjourd, meldde de Italiaanse wielrenner Riccardo Ricco een groot bewonderaar te zijn van Marco Pantani. De onnavolgbare wijze waarop Ricco demarreerde in de Pyreneeën had inderdaad veel weg van de manier waarop Pantani zijn concurrenten uit het wiel reed. Een paar dagen later werd Ricco betrapt op het gebruik van EPO en kon hij vertrekken. Net als zijn grote voorbeeld van zijn voetstuk gevallen, hopelijk met minder desastreuze gevolgen.