maandag 18 september 2017

Dichter Alexis de Roode probeert het kwaad te begrijpen


'Een steen openvouwen' is de titel van de vierde dichtbundel van de Utrechtse dichter Alexis de Roode." 16 september treedt De Roode op tijdens de Nacht van de Poëzie.

Daar kijk je zeker erg naar uit?
"Het is de derde keer voor mij, maar het blijft een hele eer. Na zes jaar heb ik eindelijk mijn vierde bundel klaar, en die is kennelijk in goede aarde gevallen. Ik ben al druk aan het denken over wat ik zal gaan voorlezen. Je hebt maar zeven minuten, daarin moet het gebeuren."

Wat maakt de Nacht van de Poëzie voor jou zo bijzonder?
"Jarenlang was het een droom voor mij om daar te staan. In 1998 bezocht ik voor het eerst 'De Nacht' als bezoeker. Om de een of andere onlogische reden had ik het gevoel: hier ben ik dan. Ik dacht: jullie kennen mij nu nog niet, maar ik ben er. Ik had toen nog geen gedicht gepubliceerd of zelfs maar voorgelezen, en was pas sinds kort serieus met poëzie bezig. Ik weet nog dat ik een Escher-stropdas droeg."

En toen werd je zelf gevraagd om er voor te dragen
"Negen jaar later ja. Het duurde tot 2005 voor ik debuteerde met mijn eerste bundel. In 2006 werd ik helaas niet uitgenodigd, maar in 2007 wel. Dat had ik te danken aan een nominatie voor de Buddingh'-prijs. Alle genomineerden mochten toen optreden in de Nacht. Ik moest als laatste dichter het podium op, tegen 4 uur 's ochtends, en bracht toen een dichterlijke ode aan de zon."

Een belangrijk thema van je laatste bundel is goed versus kwaad. Wanneer is die fascinatie ontstaan?
"Dat is pas laat gebeurd. Vroeger was ik helemaal niet geïnteresseerd in de realiteit, in nieuws en politiek. Ik was meer geneigd om boven het aardoppervlak te zweven en was vooral met de fantasiewereld bezig. Maar met het vorderen van de jaren kreeg ik meer interesse voor de wereld om me heen. Ik ging me afvragen: "Wat is een goed leven en hoe relatief is dat? Is er een absoluut goed en een absoluut kwaad? En wat is het ergste kwaad?"

maandag 14 augustus 2017

Theatergezelschap Het Nut zet de tijd stil in Leidsche Rijn


‘De denderende tijd’ is de vijfde zomervoorstelling in Leidsche Rijn van Het NUT. Dit keer speelt het theatergezelschap rondom de grootste bouwput van Nederland, waar hijskranen de toekomst uit de Romeinse grond trekken.

Het is 15 februari 1894. Martial Bourdin wandelt richting Greenwich, Londen, met een tijdbom om zijn middel. Zijn missie is duidelijk: een aanslag plegen op het Koninklijk Observatorium, het ijkpunt van de tijd. De aanslag van de Fransman mislukt echter omdat de bom -hoe ironisch- te vroeg afgaat. Deze historische gebeurtenis is het uitgangspunt van de voorstelling 'De denderende tijd' van Het NUT (Nieuw Utrechts Toneel) op het Berlijnplein in Leidsche Rijn. "Ik ben eigenlijk niet zo van de grote idealen, maar in het stilzetten van de tijd kan ik me wel vinden," vertelt schrijver/acteur Greg Nottrot. 

Voort tikkend
Samen met co-auteur/medespeler en levensgezellin Floor Leene onderzoekt Nottrot in deze voorstelling de motieven van Martial Bourdin. Nottrot vermoedt dat Bourdin de tijd -en dus de vooruitgang- stil wilde zetten, omdat zijn toekomst als kleermaker op het spel stond. Dit vanwege het begin van de industrialisatie en de komst van fabrieken. Beide theatermakers vragen zich tevens af hoe zij heden ten dage de tijd tot stilstand zouden kunnen brengen. Het lijkt de enige manier om te kunnen ontsnappen aan het alsmaar voort tikkende verval. Zo wordt de mislukte terreurdaad van Bourdin verweven met het persoonlijke relaas van twee dertigers die worstelen met de tijd. "Veel mensen van mijn generatie kampen met een burn-out, stress of doelloosheid. Dat heeft alles te maken met onze overspannen ambities," vertelt Nottrot. "Het stopzetten van de tijd is dan een aantrekkelijk alternatief."

De Wëreldbänd op de Parade: 'Slapstick is van alle tijden.'


De muzikale slapstick van de Wëreldbänd misstaat niet tussen de bonte stoet van optredende artiesten op De Parade. De voorstelling Släpstick is een ode aan de muzikale komiek.


De lovende kritieken op de voorstelling hebben geleid tot een bomvolle tent, 'De Reizende Schouwburg'. En ook vanavond wordt de muzikale slapstick van de Wëreldbänd hooglijk gewaardeerd, zo blijkt uit de vele lachsalvo's uit het publiek. 'Släpstick' is ook entertainment van hoog niveau: muzikaal, acrobatisch en geestig tegelijk.

Zo wordt een filmpje van Charlie Chaplin muzikaal geniaal ondersteund door het viertal, voeren twee muzikanten op knappe wijze eenzelfde koddig dansje uit als Laurel en Hardy in een ander filmpje, en nodigt de band uit tot hilarische publieksparticipatie middels blikgooien (waarbij de blikken steeds groter worden) en vissenvangen met een enorme hengel.

"Ja, de Parade is super," vertelt Ro Krauss, medeoprichter en multi-instrumentalist van de Wëreldbänd tussen twee optredens door. "Het oude circusgevoel dat het festival oproept maakt je nostalgisch." Krauss prijst de onderlinge samenwerking op het theaterfestival: "Van acteur en regisseur tot de poffertjesman en de man die de zweefmolen bedient: met zijn allen moet je ervoor zorgen dat de bezoeker zich vermaakt."

donderdag 13 juli 2017

Utrecht in de ban van de blaasmuziek


Van 15 t/m 23 juli staat Utrecht in het teken van de symfonische blaasmuziek. Meer dan 1500 blaasmuzikanten zullen tijdens het WASBE International Symphonic Wind Band Festival hun kunsten vertonen in TivoliVredenburg en op tal van andere locaties in de stad.


Het blaasfestival is onderdeel van de internationale WASBE Conferentie, en wordt georganiseerd door ZIMIHC in samenwerking met Wens Travel en WASBE. Voor het Utrechts publiek een mooie gelegenheid om kennis te maken met de veelzijdigheid van blaasmuziek. "Blaasmuziek is veel meer dan alleen fanfare. De orkesten die gaan optreden beschikken over een heel divers repertoire, variërend van klassiek tot film- en popmuziek. Er wordt allerlei soorten muziek geschreven voor blaasorkesten," vertelt Martine Spanjers van ZIMIHC, de Utrechtse organisatie die amateurkunst ondersteunt.

Robuust fort als decor voor opera


Fort Rijnauwen in Amelisweerd vormt de indrukwekkende locatie waar vanaf 15 juni de opera 'Styx' wordt uitgevoerd. "Je gelooft toch niet dat we op deze plek spelen: het is hier zo mooi!"

"We moeten er een kathedraal omheen gooien!" (andere optie voor citaat: "Misschien moeten de trompetten hier weg, en spelen alleen de trombones.") Vanaf de tribune instrueert regisseur Joke Hoolboom de zangers en het orkest van Holland Opera. Zo'n man of tien (pers en crew) zijn, vanaf de geïmproviseerde zitplaatsen bij Fort Rijnauwen, getuige van de voorlaatste repetitie voor de opera 'Styx'. Donderdag 15 juni is de eerste van vier try outs. "Natuurlijk moet je hard op haar af rennen, je wil haar toch snel zien?"

Gewone kleren
In hun alledaagse kloffie (spijkerbroek, t-shirt, petje) ogen de zangers van Holland Opera als alledaagse passanten, totdat een scène aanvangt en ze hun stem opzetten. "Het is echt warm vandaag, dus dan is het wel fijn om in je gewone kleren te repeteren. Al zit je met pruik op en pakkie aan wel sneller in je rol," vertelt Wiebe Pier Cnossen na afloop van de repetitie. Cnossen speelt Charon, de veerman die de doden de rivier de Styx overzet, van de aarde naar de onderwereld. Hij verveelt zich, totdat Antigone ten tonele verschijnt, de levend begraven dochter van Oidipous.

Heuvels van Engeland
Het mythische verhaal over de Styx wordt uitgevoerd tegen de achtergrond van het (gerenoveerde) Fort Rijnauwen, te midden van het weelderige groen van Amelisweerd. "Je gelooft toch niet dat we op deze plek spelen: het is hier zo mooi! Een kwartiertje fietsen vanaf het Centraal Station en het lijkt het alsof je midden in de heuvels van Engeland zit," vertelt regisseur Hoolboom enthousiast. "En niet alleen de natuur is geweldig, maar ook het robuuste fort. Dat industrieel erfgoed vormt een prachtig decor." Martijn Cornet, die de rol van Kreon speelt (de koning die opdracht gaf Antigone levend te begraven) beaamt dit: "Je kunt je bijna niet voorstellen dat in zo'n afgesloten gebied waar nooit iets gebeurt nu zo'n massaproject plaatsvindt."

De liedjes met een geheim van Spinvis


Vijftien jaar na zijn debuut verscheen onlangs het vierde album van de Utrechtse muzikant Spinvis (Erik de Jong). "Zolang een liedje in je hoofd zit is het perfect."

De albumtitel springt in het oog: 'Trein Vuur Dageraad'. Drie woorden die weinig met elkaar gemeen lijken te hebben, maar Erik de Jong denkt daar anders over: "Om te beginnen is het een ritmische combinatie: ta ta tatata. En bij drie woorden ontstaat al snel een verhaaltje in mijn hoofd." Maar vanwaar deze drie? "'Trein' staat voor een reis door je leven, 'vuur' voor liefde en energie, maar ook voor gevaar. En 'dageraad' staat voor de nieuwe hoop die zich elke dag weer aandient. Drie begrippen die begonnen als een zaadje waar uiteindelijk het hele album uit gegroeid is."

De romantiek
Aanvankelijk streefde De Jong op zijn nieuwe cd naar een ander geluid dan op de voorgaande drie. Zonder succes. "Het plan was om een elektronisch, meer modieus album te maken, maar dat voelde voor mij niet oprecht. Vanzelf kwam de romantiek er weer bij." En dus werden de arrangementen verfraaid en hier en daar violen toegevoegd. "Van lieverlee heb ik toen maar afscheid genomen van het hele idee van een hip album. Al was mijn zoon er wel over te spreken." 'Trein Vuur Dageraad' klinkt dan ook als een vertrouwd Spinvis-album. Soms dromerig en ingetogen, een andere keer meer uitbundig. Met associatieve teksten en het kenmerkende stemgeluid van De Jong. "Het waaiert muzikaal gezien alle kanten uit. Mijn stem is de enige verbindende factor."

vrijdag 2 juni 2017

"Ik wil Cristiano Ronaldo nog eens interviewen"


De nieuwe presentator van het Jeugdjournaal, Lucas van de Meerendonk, woont in de Utrechtse wijk Lombok. De Wijkkrant 'De Uitblinker' sprak met hem over zijn spannende werkzaamheden als journalist.

Omdat Lucas (31 jaar) al een tijdje werkt bij de tv (o.a. bij het Zapp Weekjournaal), wordt hij regelmatig herkend als hij in Lombok over straat loopt: "Kinderen vragen me vaak om een handtekening, of een foto. Dat vind ik leuk hoor. Als je daar moeite mee hebt, moet je een ander beroep kiezen." Journalist zijn was altijd al zijn grote droom, zo vertelt hij tegen de jeugdige verslaggevers. "Vroeger wilde ik sportjournalist worden of bij het Jeugdjournaal werken. Een van de twee is gelukt, en dat is mooi natuurlijk."

James Bond
In Utrecht volgde Lucas de School voor de Journalistiek. Daar koos hij al snel voor de richting 'Televisie'. "Je moet dan een test doen om te kijken of je goed kunt voorlezen en presenteren." De Utrechter bleek een geboren presentator en ging na zijn opleiding bij het Zapp Weekjournaal aan de slag. Hij werkt graag voor kinderen: "Jullie vinden hele andere dingen leuk dan ik. Ook word ik er vrolijk van om met onderwerpen iets te doen waar ik zelf niet zo snel op zou komen. Zo heb ik vorige week rapper Boef geïnterviewd."

Voor tv mocht Lucas al veel beroemde mensen interviewen, zoals Louis van Gaal, Arjen Robben, Bill Gates (de rijkste man ter wereld) en James Bond. "Bij die laatste was ik wel een beetje zenuwachtig ja."