vrijdag 1 maart 2019

Eigenaar snackbar Elinkwijk kwam met de schrik vrij


Slechts gewapend met een koekenpan bood Xiaofeng Jin vrijdagavond weerstand tegen de twee messentrekkende overvallers van zijn snackbar in Zuilen. “Ik was wel boos, maar niet bang.”

Aan een tafeltje in zijn snackbar op de Lelimanstraat doet eigenaar Xiaofeng Jin (54) vrij kalm zijn verhaal. “Mijn vrouw en ik waren achter in de keuken uitjes aan het snijden. Het was net erg druk geweest, maar op dat moment was het even rustig. Via een camera die in de zaak hangt konden we wel in de gaten houden wie er binnen kwam.” Het was zijn vrouw die opeens riep: “Een overval!” Op de camerabeelden was te zien dat twee jongens met een capuchon de snackbar binnenliepen en dat een van hen een koffiekopje pakte en het op de grond stuk smeet.

Xiaofeng Jin in zijn snackbar.
Even zat de schrik er goed in, maar van paniek was bij het Chinese echtpaar geen sprake. Terwijl zijn vrouw 112 belde, liep Xiaofeng via de achterdeur van de keuken, en gewapend met een koekenpan, de straat op naar de voorkant van zijn cafetaria. “Door het raam zag ik dat een van de jongens probeerde om de kassa te openen, maar dat lukte niet. Toen ze mij zagen staan, begonnen ze te schreeuwen en kwamen ze ook naar buiten.” Een van de jongens zwaaide met een keukenmes. “Ik zei: kom maar! Hij dreigde even, maar liep toen weg.” Dat tafereel herhaalde zich bij de tweede jongen, die in de snackbar een mes had gepakt. “Weer zei ik: kom maar! Ik was wel boos, maar niet bang. Ik denk dat ze ook wel van mij zijn geschrokken.”

De stad als personage


De Utrechtse schrijver/dichter Mark Boog situeerde zijn laatste roman in Utrecht. Hij laat zijn hoofdpersonage zwerven door de stad die geteisterd wordt door zware stormen.

Het idee voor de roman is langzaam gegroeid, zo vertelt hij in een Utrechts café. "Ik was al langer van plan een boek te schrijven over buitenstaanderschap, wat weer voortkomt uit het idee dat gebouwen bezield zijn. Dat laatste is uiteindelijk niet in het boek terecht gekomen. Maar daar lag wel de kiem van dit verhaal."

Café de Waarheid gaat over een man die zijn avonden, samen met drie oude schoolvrienden, slijt in de gelijknamige kroeg. Op een dag wordt hij gedwongen om zijn huis te verlaten en moet hij zien te overleven in een stad die te kampen heeft met zware stormen en venijnige politiecontroles. Naast het station staan tentenkampen met vluchtelingen. Het heden, verleden en de toekomst zijn in de roman kunstig door elkaar vervlecht.

Boog is niet gaan zitten met een doortimmerd verhaal in zijn hoofd. "Ik laat me verrassen tijdens het schrijven. Het is ook een vorm van nieuwsgierigheid. Het begint ermee dat ik wil weten hoe ik zelf denk over buitenstaanderschap. Dat ga ik dan schrijvenderwijs uitzoeken."

donderdag 15 november 2018

Heimwee naar het leven in een band


Na negen jaar stilte verscheen er weer een album van de Nederlandse band Johan. De grote schare fans van weleer is de formatie trouw gebleven, want de concertzalen bij hun optredens zitten helemaal vol.

"Ja ik was best verbaasd over alle positieve respons na onze terugkeer," vertelt zanger/gitarist Jacob de Greeuw. Negen jaar geleden kwam er een eind aan Johan, na vier zeer lovend ontvangen albums met sprankelende Beatlesque popliedjes. "Het is grappig om bij onze concerten dezelfde gezichten van toen weer te zien, maar alleen een beetje ouder. De mensen zijn met ons meegegroeid." Volgens De Greeuw is de muziek van Johan ook niet tijdsgebonden, ondanks het enigszins alternatieve geluid: "Voor een band als Johan is altijd wel plek: wij maken vrij traditionele, op de 60 en 70er jaren georiënteerde pop." 

Er kwam een andere gitarist (Robin Berlijn, die eerder speelde bij o.a. Fatal Flowers en Kane), maar aan het geluid van Johan is niet wezenlijk veel veranderd. Het begin dit jaar verschenen album Pull Up grossiert wederom in ragfijne, melodieuze gitaarpop. Volgens De Greeuw is de band, ook al door de verse inbreng, wel iets vrijer geworden. "We laten dingen makkelijker los nu en experimenteren meer. Maar we zijn ook negen jaar verder en negen jaar wijzer. En we hebben als muzikanten niet stilgezeten die jaren en zijn dus ook beter geworden."

Alles draait om emotie bij Joris Linssen

Joris Linssen is vooral bekend van tv-programma's als Taxi en Hello Goodbye. Met zijn muzikale project Caramba, waarin hij Mexicaanse mariachinummers bewerkt tot Nederlandstalige liedjes, gaat hij dit najaar ook weer langs de theaters.

"Voor mij is het heel fijn om met 'mijn tweede familie' in een busje door het land te toeren. Zo ben ik even helemaal los van mijn tv-werk," vertelt Joris Linssen in een klein café in de Utrechte wijk Lombok." Zijn tv-werk en de optredens met Caramba raken de laatste jaren wel meer in elkaar vervlochten. "Het wordt steeds meer een kruisbestuiving. Zowel met mijn band als op tv wil ik de mensen raken." 

Met Caramba verzorgt hij intussen ook al zo'n tien jaar avondvullende voorstellingen. De band stelt zich als doel om steeds nieuwe avonturen te beleven en extreme doelen te stellen. "In de loop van mijn leven heb ik ervaren dat vriendschap alleen maar kan bestaan uit gedeelde herinneringen. Daarom willen we als band spannende dingen meemaken en gaan we muzikale en emotionele uitdagingen aan."

Een grote uitdaging voor Caramba was een tournee door Mexico met als doel om door te breken met Nederlandstalige muziek. "We hebben op een vuig plein gespeeld in Mexico City waar regelmatig schietpartijen zijn, op het graf van een idool van ons, José Alfredo Jiménez, en tenslotte hebben we voor 20.000 man in een stadion opgetreden. Ons plan, dat eigenlijk belachelijk leek, was toch gelukt."

'Judas' roept vragen op over goed en kwaad

Het aangrijpende verhaal van Astrid Holleeder over haar broer Willem, 'Judas', is bewerkt voor het theater en op 3 en 4 november te zien in de Flint.

Dat zijn naam niet wordt genoemd in de theatervoorstelling, is niet zonder reden. "Astrid wilde niet dat haar broer een podium zou krijgen," vertelt regisseur Johan Doesburg. "Bovendien is dit haar verhaal." Voorafgaand aan de bewerking van het boek sprak Doesburg meermaals met Astrid Holleeder. Hij moest haar om toestemming vragen. "Dat heb ik nog niet eerder meegemaakt. Het is ook geen fictie natuurlijk. In een normale context voel ik me honderd procent vrij, maar nu had ik te maken met de werkelijkheid." 

Een werkelijkheid die door Astrid Holleeder is opgetekend in de bestseller 'Judas', waarin ze verhaalt over haar jeugd met een drankzuchtige en gewelddadige vader, en over de relatie met haar oudste broer Willem. Ze beschrijft ook waarom ze hem heeft verraden. Omdat ze vreest voor haar leven woont ze sindsdien ondergedoken. Er staat een prijs van 35.000 euro op Astrids hoofd. "Dit gaat niet zomaar over een familieruzietje, maar over levensbedreigende druk. Eerst door haar vader en later door Willem. Echt heel extreem. Als je niet voldoet aan de eisen van de familieclan, krijg je het zwaar te verduren," vertelt Doesburg.

Judy Blank vindt inspiratie in de Deep South


Ze werd bekend door haar deelname in 2013 aan 'De Beste Singer Songwriter van Nederland'. Maar liever praat Judy Blank over de muziek die ze tegenwoordig maakt.

Op haar debuutalbum (2014) was nog vooral melodieuze pianomuziek te horen, nu speelt Judy Blank gitaar en zingt ze pure country en folk. Ze raakte geïnspireerd door haar reizen door het zuiden van de VS. In Louisiana en Nashville trad ze op tijdens open podiumavonden in bars en cafés. Een kleine doorbraak was het optreden in Lake Charles voor een radiostation: "Het was er superdruk. Toen ik begon te spelen werd het helemaal stil. "Wow, blijkbaar doe ik iets goed", dacht ik."

Toen ze werd uitgenodigd voor een belangrijke 'pitchavond', waar ook grote platenmaatschappijen aanwezig waren, kreeg Blank nog meer het gevoel dat ze de juiste muzikale switch had gemaakt: "Ik deed mijn praatje en zij luisterden naar mijn lied 'Mary Jane'. Dat lieten ze best lang doorspelen." Dezelfde dag nog vernam de zangeres dat een dj van een bekend radiostation het nummer op zijn playlist zou zetten. "Een Nederlands meisje tussen al die grote namen van Nashville: geweldig vond ik dat!"

Gitarist eert zijn helden

De Haagse zanger/gitarist Ed Struijlaart staat momenteel in het theater met de voorstelling 'Gitaarmannen: van Clapton tot Sheeran’, waarin hij een ode brengt aan zijn favoriete instrument en zijn gitaarhelden. Welke vijf hebben hem het meest beïnvloed?

"Voor mij was het een openbaring toen ik als achtjarige Eric Clapton zag spelen, tijdens het tribute-concert voor Nelson Mandela. Dat wilde ik ook," vertelt Struijlaart. Aanvankelijk was het de akoestische gitaar waarop hij zich bekwaamde, totdat hij 'Voodoo Chile' van Jimi Hendrix hoorde: "Dat was in de film Under Siege, die heel slecht was overigens. Maar ik werd omver geblazen door zijn gitaarspel. Toen wist ik het zeker: ik wil muziek maken voor de rest van mijn leven." Met het geld dat hij kreeg voor zijn veertiende verjaardag kocht Struijlaart zijn eerste elektrische gitaar. 

Foto: William Rutten
De expressieve stijl van Jimi Hendrix is zeker van invloed geweest op Struijlaarts gitaarspel, maar na enige tijd raakte hij toch weer in de ban van de meer bedaarde Eric Clapton. "Die dualiteit heeft er bij mij altijd ingezeten. Ik hou van woeste solo's, maar ook van mooie, kleine gitaarliedjes. Blues is voor mij wel altijd de basis geweest." Niet vreemd dus dat hij danig onder de indruk raakte van Claptons Unplugged cd. "Mijn klasgenoten waren allemaal fan van Nirvana en Pearl Jam. Ik begreep daar niks van en vond in die tijd dan ook weinig aansluiting. Een bandje vinden lukte me al helemaal niet."